Warning: file_put_contents(/home/pimscha/domains/pimenjiska.nl/public_html/wp-content/themes/reisverhalen/cache/markers.js): failed to open stream: No such file or directory in /home/pimscha/domains/pimenjiska.nl/public_html/wp-content/themes/reisverhalen/_lib/map.php on line 21

Vier dagen Naiman Nuur

geschreven door Pim op

Vanuit het zuiden rijden we het 8 lakes gebied in, onderdeel van het Khangai Nuuru National Park. Acht ondergronds verbonden meren bepalen het landschap tot de Orkhon Vallei aan de noordoostkant van het park.

Vergeleken met het zuiden van Mongolië is het landschap extreem anders. Vanaf de bergtoppen voedt smeltwater kleine beekjes die groene weiden doorkruisen en ook leven mogelijk maken voor bomen. Vooral dat laatste is opvallend, omdat we de voorgaande week, in de Gobi, het totaal aantal bomen op één hand konden tellen. Maar ook zonder die vergelijking is het landschap te waarderen; het is uitzonderlijk mooi.

DSC_9392

Shireet Nuur, het eerste meer in het gebied waarnaast we kamperen, is nog grotendeels bedekt met ijs. Het is met vier kilometer in de lengte, het grootste meer van Naiman Nuur en daarom pas als laatste ontdooid en een mooi plaatje vanaf de bovenliggende pas op 3000 meter hoogte. We zetten naast het meer de tenten op en maken een vuur van takken en gedroogde yakpoep, zo gaan we warm de koude tent in.

DSC_9356

Het bagagepaard is de volgende dag alweer vroeg bepakt. Voor ons ligt een wandeling langs de rest van Shireet Lake. Aan het eind is het kruiende ijs de kant opgeduwd. Het smeltwater leidt in dit gebied tot veel drassigheid en veel mooie bloemen; lente in Mongolië is een mooie tijd.

DSC_9372

We passeren Hia Nuur, Haliut Nuur en Shanoga Nuur. Nuur is Mongolisch voor meer. In volgorde vertaald zijn we nu het tafelmeer, bergcontourmeer, wuivend-gras-meer en lepelmeer lansgelopen. We slapen die avond in een ger met uitzicht over het laatste meer dat we van de acht zullen zien.

De laatste twee dagen in het gebied, doen we te paard. Met name de eerste dag scheelt dat een hoop klimwerk. Het landschap is die dag ruig, met moerassen die overgaan in rotspartijen op hellingen die op hun beurt weer ruimte bieden voor dicht bos. Dichtbij een rivier stoppen we om te kamperen. De zon maakt het aangenaam warm dus we besluiten voor een ‘duik’ te gaan. Dat is natuurlijk ijskoud, maar wel lekker. Leerpuntje: in een vochtig maar niet koud gebied is het prettig om deet bij je te hebben.

DSC_9423

We wisselen van paardengidsen met een andere groep toeristen die de route andersom loopt. Zo kunnen de gidsen en paarden terugkeren naar hun eigen stuk land. Het levert ons een paar paarden extra op, die wat onstuimiger zijn. Als we wegrijden wordt de gids die Nienke en Gonda begeleidt tot twee keer toe van zijn paard geslingerd. Het duurt dus even voor we lekker op pad zijn. We laten onderweg wat paarden achter bij een familie in een ger.

DSC_9427

Nienke geeft de voorkeur aan lopen, Gonda’s gids zingt Mongoolse liedjes, Jiska en ik rijden in een draf de uitgestrektheid van de Orkhon vallei in. Daar staan kuddes yaks, geiten, schapen en paarden met kleintjes te grazen. Paardenbloemen en boterblomen kleuren stukken van de velden geel en naaldbomen kleuren de al grasgroene hellingen nóg groener terwijl de rivier als een levensader door het landschap kronkelt en zich over een steile rotswand bij de Orkhon rivier voegt.

DSC_9452